logo-professioneel-begeleiden logo-professioneel-begeleiden
Filters

Alle artikelen - Abonneer je nu!

Op een zwoele zomeravond

Auteur: Alex van de Kerkhof

Op een zwoele zomeravond. Ingenomen met zijn kwaakkunst biedt kikker in de roman Het lot van de kikker (Toon Tellegen, 2013) een cursus ‘Kwaken in 100 lessen (de eerste beginselen)’ aan. Daar komt niemand op af. Ook niet als hij van 100 tien maakt, of zelfs vijf, of twee, of één. En ook niet als hij een door hemzelf uitgereikt diploma toezegt. Ik sta er alleen voor, dacht hij, dat is nu wel duidelijk. Hij haalde het bord weg. Kwaken is niet te leren, je kunt het, of je kunt het niet. Nul lessen of duizend lessen. Een voor hem troostrijke conclusie. Had kikker echter nog wat verder gezocht, zou hij vast op Hans van Zetten zijn gestuit. Hans van Zetten, bekend van radio en tv. Van het turnen en het kunstrijden op de schaats. Van het jubelende “Ja, hij stáát!”, tot het meer ingetogen “Prachtig uitgevoerde dubbele Lutz, direct gevolgd door een achterwaartse Rittberger”. Hans van Zetten kan met serene stem meedelen dat we zo meteen naar een ijspaar uit Canada gaan kijken dat gaat dansen “op fraaie melodieën uit Les Misérables’’. En precies als na een paar seconden geconcentreerde stilte de eerste dramatische passen worden uitgevoerd en de eerste toon opklinkt, start Hans van Zetten zijn alle muziek overstemmende relaas. “Hans, je kwaakt er weer doorheen”, hoorde ik mezelf tijdens de laatste Olympische winterspelen vaak mompelen. Toch heb ik grote bewondering voor Hans van Zetten. Hij ziet dingen die je als niet-kunstschaatser niet gauw zult opmerken en hij weet van alles de bijpassende vakterm. Hij neemt niet alleen waar, hij jureert hardop. Daarbij is hij empathisch, hij weet alle relevante achtergrondgegevens van de uitvoerders op het gladde ijs, hij plaatst prestaties in een verhelderende context. Moeiteloos nemen we van Hans van Zetten aan dat het om een driedubbele met de armen zijwaarts gestrekte sprong ging, ook al zagen we er zelf maar twee. Hans van Zetten steekt met kop en schouders boven alle beoordelaars van alle publieke juryprogramma’s uit. Als Hans van Zetten voorspelt dat er een aftrek van twee tiende punt zal volgen, dan gebeurt dat ook. Hans van Zetten is de betrouwbaarheid en deskundigheid zelve. Met Hans van Zetten is het fijn tv-kijken, met hem meekijkend worden we allemaal een beetje deskundig. Hans van Zetten voedt ons op, hij reikt ons de argumenten aan voor onze oordelen, die eigenlijk de zijne zijn. Want niemand zal hem tegenspreken. Bij veel andere openbare jureringen worden we aan ons lot overgelaten. We gissen en dreutelen maar wat, we hebben onze gebrekkige oordelen die we met gemak inruilen voor die van een ander. Waar moeten we ook allemaal op letten, bij Idols of Sterren van de duikplank? En hoe vaak zitten we er niet naast als we moeten voorspellen wie Bertus of Harm gaat kiezen in Boer zoekt vrouw? Welk beslissingsproces voltrekt zich in hun door het winderige platteland gekerfde hoofden? Zit er onder hun alpino een transparant, controleerbaar en consistent beoordelingsmodel dat afgeleid is van een blauwdruk van de ideale boerin? Zijn de gebezigde rubrics transparant, valide en voldoende samenhangend? Hoe biedt zo’n hunkerende boer weerstand aan zijn particuliere halo-effecten? We weten het niet, maar het belemmert ons niet er, bij afwezigheid van een kundige gids als Hans van Zetten, bij de koffieautomaat, als was dat een vijvertje op een zwoele zomeravond, een paar weken lang gezellig over mee te kwaken.   Drs. A.J.M. van de Kerkhof is Clustermanager bij Cito, hij is lid van de redactie van EXAMENS. E-mail: alex.vandekerkhof@cito.nl.
Gratis
lees meer

Toetsen in het hoger onderwijs

Auteur: Alex van de Kerkhof

Henk van Berkel, Anneke Bax, Desirée Joosten-ten Brinke (redactie) (2014). Toetsen in het hoger onderwijs. Derde, geheel herziene druk. Houten: Bohn Stafleu van Loghum. ISBN 978-90-368-0238-3. € E44,95. Om hun accreditatie te behouden, moeten de opleidingen in het hoger onderwijs tegenwoordig voldoen aan de standaarden van de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO). Zo moeten de opleidingen voor een adequaat toetssysteem zorgen en worden voor de tussentijdse en afsluitende toetsen stevige kwaliteitscriteria gehanteerd. Dit gegeven was voor de redactie van het handboek Toetsen in het hoger onderwijs een van de aanleidingen om een nieuwe druk uit te brengen met geactualiseerde en met nieuwe hoofdstukken over toetsbeleid, formatief toetsen, rubrics, onderzoeksvaardigheden, generieke competenties en landelijke kennistoetsen. De praktische, veelal ambachtelijke hoofdstukken met basale stof, zoals die over open en gesloten vragen, over normeren en cijfergeven, zijn gelukkig gehandhaafd gebleven. Toetsen in het hoger onderwijs bestrijkt met vierentwintig hoofdstukken alle denkbare soorten van toetsen en aspecten van toetsen en mag daardoor gezien worden als een complete handreiking. Door de toegankelijkheid en de doorgaans prettige schrijfstijl is het boek overigens ook goed bruikbaar in het vo en mbo, en kan het gebruikt worden door alle professionals die zich bezig houden met de toetsconstructie. In het nieuwe hoofdstuk 3 ‘Ontwikkelen van toetsbeleid’ wordt onder andere ingegaan op toetsplannen, op de borging van kwaliteit, de rol, de regels en richtlijnen van en voor examencommissies en de verschillende rollen die de docent kan vervullen. De auteurs van dit hoofdstuk, Martens en Moerkerke, proberen medewerkers die in dit opgelegde toetsbeleid niet veel meer dan een papieren circus zien tot instemming te verleiden door te wijzen op de plicht die instellingen hebben zorgvuldig om te gaan met hun maatschappelijke opdracht. Hoofdstuk 4, niet minder nieuw, gaat over de landelijke kennistoetsen, die een uitvloeisel zijn van de onrust in de samenleving van enkele jaren geleden over de kwaliteit van de examinering in het hoger onderwijs. In dit hoofdstuk worden de voor- en nadelen van dergelijke toetsen besproken en zoomen de auteurs, Van Leuven en Lansu, in op de specifieke rol van de docent. Hun stelling is dat de laatste goed gefaciliteerd moet worden, want met het ontwerp van dergelijke toetsen is veel tijd gemoeid. In bepaalde opzichten doet dit handboek dus ook programmatisch aan. Hoofdstuk 8 behandelt het formatieve toetsen, met een goede begripsbepaling, een stevige theoretische onderbouwing, een beschrijving van effectieve methoden van formatief toetsen en, naar analogie van de andere hoofdstukken, veel aandacht voor de rol van de docent. Juist dit hoofdstuk maakt duidelijk dat veel van hedendaagse onderwijsgevenden wordt gevergd en dat degelijke scholing op het vlak van toetsing en examinering onontbeerlijk is. Handig voor studie en de praktijk van alle dag zijn de vele overzichtelijke schema´s en controlelijstjes in het hele handboek. Behalve veel aandacht voor recente ontwikkelingen schemert in een enkel hoofdstuk ook de toekomst door. Gaan daarin computers de werkstukken van onze studenten nakijken en beoordelen? In het hoofdstuk ‘Digitaal toetsen’ nemen Draaijer, Van Boxtel en Van Brunschot daarover een genuanceerd standpunt in. Het herziene en uitgebreide Toetsen in het hoger onderwijs is ook vanwege het handige lexicon en de lijst van referenties meer dan de moeite waard. De heer drs. A.J.M. van de Kerkhof is redacteur van EXAMENS. E-mail: Alex.vandeKerkhof@cito.nl.
Gratis
lees meer

Schrijf je in voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte!

Op weg naar ruimte en vrijheid

Crisis als aanleiding om inzicht te vergroten in (je) identiteitswerk

Datum:
Locatie:

Download gratis deze white paper